Lopende onderzoeken & projecten
Onze praktijk werkt nauw samen met de afdeling Eerstelijnsgeneeskunde van het Radboudumc via deelname aan de volgende netwerken.
FaMe-Net (Family Medicine Network)
FaMe-Net is een eerstelijns registratienetwerk bestaande uit 6 huisartspraktijken die sinds 1968 alle contacten met patiënten coderen. Het doel is om gegevens te verzamelen uit de huisartsenpraktijk voor onderzoek en onderwijs. Met behulp van de verzamelde gegevens zijn vele nationale en internationale wetenschappelijke publicaties tot stand gekomen, evenals een boek dat onder andere gebruikt wordt in de basisopleiding Geneeskunde. In 2023 is de website www.famenet.nl vernieuwd waar men zelf epidemiologische gegevens van alle aandoeningen in de huisartspraktijk kan opzoeken. Daarnaast is een (digitaal en schriftelijk) leerboek uitgegeven met 27 voorbeelden van veel voorkomende aandoeningen in de huisartspraktijk. De huisartsen uit de FaMe-Net praktijken hebben deze hoofdstukken geschreven.
Academisch Huisartsen Netwerk Radboudumc (AHN-R)
AHN-R is een samenwerking tussen 25 huisartspraktijken uit de regio en de afdeling Eerstelijnsgeneeskunde van het Radboudumc. Speerpunten zijn registratie, wetenschappelijk onderzoek, onderwijs en kennisontwikkeling/innovatie. De praktijken ontmoeten elkaar regelmatig, wisselen spiegelinformatie uit, maken registratie-afspraken, doen gezamenlijk mee aan nieuw wetenschappelijk onderzoek en werken samen aan kwaliteitsverbetering in de huisartspraktijk.
In 2024 heeft de praktijk deelgenomen aan de volgende studies:
In 2024 afgeronde studies:
ELECTRONIC studie: vroege opsporing slokdarmkanker
e-Nose (elektronische neus) is een apparaatje dat via speciale technologie adem kan ruiken en analyseren op de aanwezigheid van ziekte en in dit geval de aanwezigheid van een Barrett slokdarm (een voorloper van slokdarmkanker). In 15 huisartsenpraktijken, waaronder die van ons, Hebben onderzoekers 450 mensen met klachten van chronische zuurbranden verzamelt.. Bij deze mensen is gekeken of de e-Nose kan ruiken of iemand Barrett slokdarm heeft. We hopen hiermee bij te dragen aan een snellere opsporing van slokdarmkanker. Deze studie is afgerond, de resultaten zijn nog niet bekend.
AMUSE
Patiënten met een levensverwachting van minder dan drie maanden door een (chronische) ziekte gebruiken vaak nog veel medicijnen. Overbodig medicatiegebruik in de laatste levensfase kan schadelijk en belastend zijn voor de patiënt. Het is daarom belangrijk om goed na te denken welke medicatie nog echt nodig is. In dit onderzoek is onderzocht door middel van vragenlijsten of het stoppen van overbodige medicatie effect heeft op de kwaliteit van leven van patiënten in de laatste levensfase. In totaal hebben er 8 patiënten vanuit de regio Nijmegen hieraan deelgenomen.
NLA2: Een zorgpad voor de detectie van ernstige NAFLD-fibrose
De laatste jaren komen de ernstige NAFLD ( niet alcoholische leververvetting ) stadia, zoals ernstige fibrose, levercirrose en hepatocellulair carcinoom (HCC) steeds meer voor. Hiertoe zijn niet-invasieve levertesten, gericht op de detectie van leverfibrose, ontwikkeld. Het is namelijk van cruciaal belang om ernstige fibrotische leverfibrose eerder te diagnosticeren, omdat dit sterk samenhangt met lever-gerelateerde mortaliteit en met all-cause mortality.
Patiënten die een verhoogd risico hebben NAFLD-NASH werden door de huisarts geïdentificeerd en, met toestemming van behandelend huisarts, benaderd. Tijdens een studie visite werden drie verschillende testen voor leverfibrose uitgevoerd; twee bloedonderzoeken en een FibroScan. De uitslagen werden mee gedeeld aan de patiënt en de huisarts. Dit onderzoek is succesvol uitgevoerd in het Radboudumc in samenwerking met Amsterdam UMC
Lopende studies in 2024
BABS Blijf Artrose de BaaS
“Blijf Artrose de BaaS” (BABS) is een regionaal onderzoeksproject om de zorg voor mensen met artrose te verbeteren. Het doel van dit onderzoek is om (a) foutieve opvattingen zoals dat bewegen leidt tot slijtage aan te pakken, (b) verwachtingen over bijvoorbeeld gewrichtsvervangende operaties bij te stellen en (c) een regionale eenduidige en duidelijke boodschap uit te dragen. Het onderzoek wordt uitgevoerd door middel van vragenlijsten, multidisciplinaire workshops een artrose cursus en online vragenuurtjes voor patiënten en is een initiatief van de drie ziekenhuizen in Nijmegen (CWZ, Radboudumc en de Sint Maartenskliniek), NEO Huisartsenzorg, de regionale fysiotherapeuten en patiëntvertegenwoordigers.
TEMPO
Het TEMPO-project is het Nederlandse onderzoek vanuit het Radboudumc en Amsterdam UMC naar hoe antidepressiva het beste afgebouwd kunnen worden na stabiel herstel van een depressie. Middels een afbouwschema worden de medicatie blind afgebouwd waarna een fase volgt waarin geen medicatie wordt gebruikt. In nauw overleg met de patiënt wordt de stappen besproken wat het beste past bij hun situatie, en kan gaandeweg worden aangepast. Er zijn nu in totaal 160 deelnemers vanuit alle deelnemende praktijken geïncludeerd, we hopen in 2025 het beoogde aantal van 200 te halen.
PRIMED Diagnostiek naar dementie door de huisarts of op de geheugenpoli
Door de vergrijzing stijgt het aantal mensen met geheugenproblemen waarbij er sprake van (beginnende) dementie kan zijn. In Nederland wordt de diagnose dementie vaker op een geheugenpolikliniek gesteld dan bij de huisarts. Deze studie onderzoekt of verwijzing naar de geheugenpoli wel in het belang is van de patiënt. De huisarts kan op basis van het verhaal van de patiënt, zijn omgeving en door het afnemen van een geheugentest vaak vaststellen of er dementie is. Verwijzing naar een geheugenpolikliniek is dan niet nodig en heeft voor- en nadelen. Een voordeel is dat de diagnose vaak sneller gesteld wordt. Nadelig is dat onderzoek op een geheugenpolikliniek – met uitgebreid geheugenonderzoek, hersenscan en soms een ruggenprik – vaak als belastend wordt ervaren. Al deze onderzoeken veranderen hebben geen invloed op de behandeling, omdat er op dit moment nog geen effectieve behandeling bestaat die dementie kan afremmen. Op dit moment zijn er 100 mensen in deze studie geïncludeerd waarvan er 46 uit ons netwerk komen. Het streven is om in 2025 200 mensen te laten deelnemen aan deze studie.
DeFEAD65+ ; Exposure Treatment; angst bij ouderen in de 1e lijn
1 op de 10 ouderen heeft een verminderde kwaliteit van leven a.g.v. een angststoornis. Deze ouderen krijgen minder vaak behandeling dan 18-65 jarigen met een angststoornis. Ouderen hebben zelf voorkeur voor niet-medicamenteuze behandeling ‘dichtbij huis’ in de huisartspraktijk. Gecontroleerde blootstelling aan angst (exposuretherapie) is zeer effectief. Het effect van exposuretherapie staat los van cultuur, etniciteit en opleiding. Echter, onderzoek naar het effect van exposuretherapie bij ouderen met een angststoornis is schaars en toepassing in de huisartspraktijk nooit onderzocht. Deze studie onderzoekt de (kosten-)effectiviteit van exposuretherapie toegepast door praktijkondersteuners in de eerstelijn t.o.v. gebruikelijke zorg bij de behandeling van ouderen met een angststoornis. Beoogde resultaten zijn een grotere afname van angst en verbeterde kwaliteit van leven. Het belang is verminderen van ziektelast, zorggebruik en afhankelijkheid van derden.
Pas in 2025 zullen er mensen daadwerkelijk meedoen aan deze studie.
HT-PREDICT/ ADVANCE
Hypertensie is een belangrijke risicofactor voor overlijden en is bij meer dan 50% niet goed onder controle. Het effect van de behandelingen en de bijwerkingen van antihypertensiva zijn zeer variabel en onvoorspelbaar. De start van antihypertensieve therapie volgt een trial-and-error-benadering, d.w.z. het starten en stoppen van medicijnen afhankelijk van het behandeleffect en de bijwerkingen, Deze aanpak leidt tot onvoldoende bloeddrukcontrole en vergroot therapieontrouw.
Er is behoefte aan mogelijkheden om bij een individuele patiënten het bloeddruk effect en bijwerkingen van antihypertensiva voorafgaand aan de start van de behandeling te voorspellen. Na een screeningsbezoek, inclusief bloedafname, urineafname en 24 uurs-bloeddrukmeting (ABPM), zal elke proefpersoon drie behandelingsperioden van 4 weken ondergaan. Elke proefpersoon krijgt 3 van de 4 mogelijke behandelingen (olmesartan, amlodipine, hydrochloorthiazide, olmesartan/amlodipine). De inclusie van deelnemers verloopt naar wens, van de 66 beoogde deelnemers hebben er 15 de studie afgerond. In 2025 gaan we verder om potentiële deelnemers te werven.
